Lestips interactief voorlezen

Wat is interactief voorlezen?

Interactief voorlezen wil zeggen dat u kinderen actief betrekt bij het boek dat u voorleest. De kinderen luisteren, kijken, praten, vragen, spelen en ontdekken.
Interactief voorlezen is goed voor het begrip, de luistervaardigheid en de woordenschatopbouw. Maar ook voor de rekenontwikkeling, de fantasie en het leervermogen. Interactief voorlezen geeft winst op vele fronten!

 

Met succes interactief voorlezen?

Belevingswereld Alle spontane reacties van kinderen kunnen aanleiding zijn voor een gesprekje. En daar gaat interactief voorlezen om. Kinderen geven de meeste reacties bij het voorlezen als het boek gaat over dingen die ze zelf meemaken. Als het ‘leeft’ bij de kinderen.

Voldoende tijd Zorg dat er voldoende tijd is om het boek in alle rust uit te lezen en de kinderen aan het woord te laten komen.

Kijken Zorg dat alle kinderen het boek goed kunnen zien. Kinderen ‘lezen’ de plaatjes ook. U zult versteld staan van wat kinderen op een mooie plaat zien, dat u zelf misschien ontgaan is. Digitale boeken kunt u heel mooi via het digibord aan de hele groep laten zien.

Praten en contact Betrek alle kinderen bij het voorlezen. Kijk elk kind regelmatig aan en stel tussendoor vragen. Geef ook stille kinderen de kans om te praten. Maar dwing niet.

Mimiek en toon Lezen doe je niet alleen met je stem. Gebruik gezichtsuitdrukkingen en laat af en toe je lijf spreken. Bijvoorbeeld als iets eng, of vies of koud is. Wijs op de plaatjes eventueel moeilijke woorden aan. Zo leren de kinderen nieuwe woorden niet alleen omdat u ze voorleest, maar leren ze ook de inhoud van nieuwe woorden goed begrijpen.

Voor, tijdens, na De kracht van interactief voorlezen ligt erin de kinderen niet alleen tijdens, maar ook vóór en na het lezen bij het boek te betrekken.
Vóór het lezen praat u over de kaft, de titel, de plaatjes in het boek en het onderwerp. Wat weten de kinderen al van het onderwerp of het thema van het boek? Hebben ze zelf zoiets ooit meegemaakt, gezien, gedaan? Laat de kinderen op het boek reageren en laat ze voorspellen waar het over zal gaan.
Bij een informatief boek kun u ook voor het voorlezen een filmpje laten zien over het onderwerp.
Tijdens het lezen neemt u de kinderen mee in het verhaal of in het onderwerp.
Na het lezen geeft u de kinderen de kans het thema uit te beelden. Dat kan in een tekening, in de spelhoek, door materialen te verzamelen en te ordenen, enzovoort.

Open vragen Stel open vragen, waarop je niet met ja of nee kunt antwoorden. Zo breng je al snel een leuk gesprekje op gang. Voorbeelden van open vragen zijn:

Waar zal dit boek over gaan?
Wat weet je al over …?
Wat zou je over de plaatjes in het boek willen weten?
Wat zou doen als je x was?
Wat denk je dat er nu zal gaan gebeuren?
Hoe zouden ze dit kunnen oplossen?
Hoe zou x zich voelen?
Hoe zou jij je voelen als je dit meemaakte?

De kracht van herhaling Eenzelfde boekje herhalen is niet erg voor kleuters. Het is zelfs juist goed! De kinderen weten al een beetje wat er komen gaat en dat geeft houvast. De kinderen voelen zich veilig en zullen eerder en meer reageren op het boek. Door de herhaling zullen ze ook nieuwe begrippen beter onthouden.

 

Leest u ook eens een informatief boek voor!

Bronnen: www.peuterplace.nl en SLO

 

CONTACT | RETAIL-INFO | ALGEMENE VOORWAARDEN
Prijswijzigingen, spel- en/of typfouten voorbehouden
© 1998-2017 Ars Scribendi Uitgeverij bv